Twee Thaise mensenhandelaren veroordeeld
Veroordeling
Twee werkgevers in Thailand zijn veroordeeld wegens ernstige arbeidsuitbuiting van een Thaise man. Zij dwongen hem tot zware arbeid en sloegen hem als hij zijn verkoopdoelen niet haalde. De zaak kreeg landelijke aandacht.
In de zomer van 2024 werd de man bevrijd, waarna hij werd opgevangen in een opvanghuis van de overheid. In augustus van dat jaar vroeg deze overheidsopvang IJM om steun, nadat de politie had bevestigd dat het om mensenhandel ging. IJM Thailand verleende daarop juridische en sociale begeleiding.
De politie beschuldigde de werkgevers van mensenhandel, gedwongen arbeid en zware mishandeling. Beide verdachten werden in juli 2024 gearresteerd en later op borgtocht vrijgelaten. IJM Thailand werkte samen met officieren van justitie, onderzoekers en hulpverleners om gerechtigheid voor de man te realiseren.
In augustus 2025 bekenden de daders bijna alle aanklachten, in de hoop een lagere straf te krijgen. IJM benadrukte juist hoe groot de schade voor het slachtoffer was en pleitte voor een passende straf.
De rechter veroordeelde de eerste dader tot ruim vijf jaar cel. De tweede dader kreeg iets meer dan vijf jaar gevangenisstraf. Samen moeten zij omgerekend ruim 25.000 euro aan schadevergoeding betalen, bovenop het bedrag dat zij eerder al hadden voldaan.
Na de rechtszaak vertelde de man dat hij blij is weer thuis te zijn. Hij zorgt nu voor zijn zieke moeder en heeft stabiel werk gevonden in de woningbouw, samen met familieleden. Hij voelt zich weer verbonden met zijn gemeenschap.
Deze zaak laat zien dat gedwongen arbeid iedereen kan overkomen, maar ook dat gerechtigheid mogelijk is als de overheid ingrijpt.
“Deze uitspraak maakt duidelijk dat gedwongen arbeid een ernstig misdrijf is,” zegt Andrew Wasuwongse, directeur van IJM Thailand. “Het is belangrijk dat daders worden gestraft en dat slachtoffers steun krijgen om hun leven opnieuw op te bouwen.”