Survivor van gedwongen arbeid in Zuid-Azië verkozen tot leider
Gedwongen arbeid
In een district in Zuid-Azië heeft Lingamma de lokale leiderschapsverkiezingen gewonnen. Lingamma zat jarenlang vast in gedwongen arbeid, maar nu is ze officieel verkozen als Sarpanch van haar dorp - vergelijkbaar met een burgemeester. ‘In dorpen waar hun voormalige onderdrukkers nog steeds wonen, zijn deze leiders boven alles uitgestegen.’
Lingamma straalt als ze boven de menigte wordt uitgetild, gedragen op de schouders van haar supporters en vriendinnen. Op dat moment vieren ze niet alleen haar overwinning in een lokale verkiezing. Ze tillen iemand uit hun eigen gemeenschap op – iemand die jarenlang aan de rand van de samenleving stond – en plaatsen haar in een rol als publieke leider.
Lingamma is één van negen survivors van gedwongen arbeid die in december 2025 lokale verkiezingen wonnen in een district in Zuid-Azië. Drie mannen en vijf vrouwen zullen dienen als wijkraadsleden in hun dorpen en Lingamma zal optreden als Sarpanch van haar dorp.
Terugkijkend op deze overwinningen zegt een lokale IJM-leider: ‘Tien jaar geleden zaten deze mensen vast in slavernij en konden ze zich niet voorstellen dat ze ooit hun gemeenschap zouden leiden. Vandaag de dag, in 2026, zijn we getuige van een opmerkelijke transformatie. In dorpen waar hun voormalige onderdrukkers nog steeds wonen, zijn deze leiders boven alles uitgestegen – en laten ze zien dat hoop en vastberadenheid levens kunnen veranderen.’
Nog maar tien jaar geleden was dit ondenkbaar geweest voor Lingamma. Tot 2016 behoorde zij tot de 45 families uit een gemarginaliseerde inheemse gemeenschap in het dorp Amaragiri die gevangen zaten in een hard systeem van gedwongen arbeid. Drie invloedrijke zakenlieden hadden de lokale visserij overgenomen en dwongen vissers alles aan hen te verkopen. Ze hielden families zoals die van Lingamma in hun greep met valse schulden, dwang en geweld. Meer dan dertig jaar leefden deze families in angst en diepe armoede, zonder dat iemand voor hen opstond.
Alles verandert in januari 2016, als IJM en partnerorganisatie Foundation for Sustainable Development (FSD) de autoriteiten ondersteunen bij het bevrijden van de families uit decennialange uitbuiting. In de jaren die volgen, komen de survivors samen om te bouwen aan een nieuwe toekomst. Ze vormen de Amaragiri Released Bonded Laborers Association (RBLA), maken gebruik van overheidsprogramma’s om hun omstandigheden te verbeteren en richten zelfs hun eigen visverwerkingsbedrijf op. Zo bouwen ze een nieuw leven op. Hun kinderen kunnen weer naar school en in het hele dorp is de verandering zichtbaar en voelbaar.
In deze periode laat Lingamma zich kennen als een stabiele en kundige leider. Ze leidt RBLA‑vergaderingen, onderhoudt contact met overheden, ondersteunt families in hun herstel en werkt intensief samen met de gemeenschap aan projecten die bijdragen aan economische opbouw.
Na haar verkiezing zegt Lingamma: ‘Deze kans is niet alleen mijn overwinning – het is de overwinning van onze gemeenschap. Als Sarpanch wil ik ons dorp verbeteren door te investeren om goede wegen, schoon drinkwater, betere gezondheidszorg en goed onderwijs voor onze kinderen. Ik zet me in voor het welzijn en de vooruitgang van elke familie in ons dorp.’
Haar recente verkiezing bouwt voort op een groeiende erfenis van leiderschap door survivors in het gebied. Bij eerdere verkiezingen werd survivor‑leider Mallaiah verkozen tot vice‑Sarpanch. Tijdens zijn termijn zorgde hij voor een busverbinding voor het dorp, regelde hij huisvesting voor families van survivors en zorgde hij voor een koelopslag voor vis - een enorme versterking voor de lokale economie.
Een lokale IJM-leider vertelt: ‘Het leiderschap van Mallaiah legde de basis. Deze verkiezingen gaan verder op dat fundament. Vandaag de dag wordt ons dorp niet langer gedefinieerd door slavernij. Het is een dorp dat wordt geleid door survivors.’
Lingamma voegt daaraan toe: ‘Ik had nooit durven dromen van een leven in vrijheid zoals dit. Ik ben dankbaar en wil elke kans benutten om mijn gemeenschap en mijn dorp te helpen en verder te ontwikkelen.’