Het verhaal van Raja

dinsdag 5 juli 2016

CHENNAI, INDIA - Nadat zijn familie gered werd van slavernij, werd Raja de eerste advocaat in zijn dorp. Nu komt hij op voor de rechten van duizenden voormalige slaven uit zijn land.
 

“Ken je het gevoel van hulpeloosheid?”, vraagt hij zachtjes. 

Ik heb het niet over een klein gevoel van hulpeloosheid – het type probleem waarvoor je naar je ouders of vrienden mee gaat voor hulp… Ik heb het over het gevoel van grote hulpeloosheid, dat de moed je in de schoenen zakt. Je kan niet meer lachen. Je lichaam doet zeer. Angst, zorgen en twijfel vullen je gedachten. Je denkt: “Hoe ga ik hieruit komen? Wie zal komen om mij te helpen?”.
“Ik deed erg mijn best om dit gevoel van hulpeloosheid te bevechten”, herinnert Raja zich, ”maar ik begon te bezwijken.”

Raja’s wanhoop begon bijna veertien jaar geleden, toen hij betrokken was bij de planning van wat iets moois had moeten worden: de bruiloft van zijn zus.
Zijn zus was oud genoeg om een bruid te worden en Raja’s ouders – hardwerkende dagarbeiders in hun Indiase plattelandsdorpje – moesten sparen voor de bruiloft. Ze verdienden elke dag een klein beetje geld door te werken voor lokale boerderijen en fabrieken. Ze hadden moeite de eindjes aan elkaar te knopen.

Precies op dat moment kwam er een oplossing.


“Een eigenaar van een steenoven benaderde mijn vader een vroeg of hij voor hem wou willen werken,” herinnert Raja zich. “Hij accepteerde een lening van 30.000 roepie (€ 390) en maakte de mondelinge overeenkomst dat onze familie de schuld af zou betalen door voor de man in een steenoven te werken. Niemand van ons realiseerde zich dat deze schuld lokaas was om ons gevangen te zetten in een systeem, waar onze waardigheid en rechten geschonden zouden worden.”
In de twee jaren die volgden, waren de argeloze ouders van Raja gevangen als slaaf in de steenfabriek.

 

'Het werk in de steenoven was zwaar. Heel zwaar' 


Het werk begon ’s nachts, waarbij modder werd gefilterd, zodat het fijnere zand werd gescheiden van steen en puin. Bij zonsopkomst begonnen de arbeiders met het gieten en snijden van bakstenen. De rest van de dag draaiden zij de bakstenen rond, bakten en vervoerden ze. Alleen om zes uur ‘s avonds konden ze een kleine avondmaaltijd eten en snel een dutje doen voordat ze ’s nachts weer aan het werk moesten.
“Het werk in de steenoven was zwaar. Heel zwaar.”, legt Raja later uit. “Het was een eindeloze cirkel van 19 uur werk, onder doorgaande verbale vernedering en agressie.”
Arbeiders in de steenoven dachten dat hun harde werk genoeg zou zijn om hun schuld af te betalen, maar de eigenaar betaalde hen zo minimaal en vroeg zulke hoge rentes, dat niemand de lening kon afbetalen.
Achtergebleven, had de 14-jarige Raja geen idee hoe slecht dingen geworden waren.
Raja vertelt: “Mijn jongere broertje en ik bleven alleen in ons huis, omdat we naar school moesten. Dagen werden weken, weken werden maanden, maar we zagen onze ouders niet.”

De jongens redden zich voornamelijk zelf – ze fietsten vijf kilometers naar school en kookten elke dag schamele rijstmaaltijden. Familieleden schreven hen later in bij een overheidshostel, maar ze hoorden nog steeds niks van hun ouders.
Na enkele maanden verscheen de vader van Raja thuis, op de voet gevolgd door de eigenaar van de steenfabriek. Toen hoorde Raja over de lening en bood hij zijn hulp aan.
“Ik dacht dat wanneer we samen als een familie zouden werken, onze schuld sneller afbetaald zou zijn en we vrij zouden zijn… De eigenaar dwong me meer te werken dan dat ik wilde. Langzaam maar zeker ging ik minder naar school en meer naar de steenoven. Uiteindelijk stopte ik op school en werkte ik alleen nog maar in de steenoven.”
’s Nachts sliep Raja met zijn ouders in een hut met één kamer, zonder badkamer en deuren. Het rieten dak hield regenbuien niet buiten. In plaats van beschutting te bieden tegen de terugkerende stormen, bracht hun leefruimte alleen een modderbad als bed.
Op dit moment voelt Raja volledige hulpeloosheid.
“Twee lange, moeilijke jaren ging het leven op deze manier door”, herinnert hij zich. “We werkten de klok rond, werden voortdurend misbruikt, terwijl de schuld door de rente alleen maar opliep. We zaten vast in een hopeloze situatie. Ik dacht dat er voor ons geen uitweg was.”

Gevangen
In januari 2004 begon IJM met het onderzoeken van de steenoven waar de familie van Raja gevangen zat. Ons team zag hoe schrijnend de situatie was en werkte samen met lokale autoriteiten om een reddingsoperatie op touw te zetten op 6 April 2004.
Ondanks de sterke politieke banden van de eigenaar, was hij niet in staat om de autoriteiten ervan te weerhouden de arbeiders hun rechtmatige vrijheid te geven. Meer dan 130 mensen werden bevrijd, inclusief Raja en zijn familie.
Hij vertelt: “Na twee jaar opsluiting en misbruik, liepen we de steenoven uit als een familie – vrij van de uitbuiting en leugens van de eigenaar.”
Van cruciaal belang waren de officiële vrijlatingspapieren die verstrekt werden aan de volwassenen, die gedwongen werden te werken door de eigenaar van de steenoven. Raja legt uit: “Doel van de vrijlatingscertificaten is om te bewijzen dat de vrijgelaten gedwongen arbeiders vrij zijn. En om hun schulden kwijt te schelden, die werden gebruikt om hen onder dwang te houden. Ik herinner mij nog hoe ik de papieren vol ongeloof vasthield!”
In de daaropvolgende jaren ontwikkelde het nazorgteam van IJM een hechte relatie met de bevrijde slaven en hielp het team hen zich aan te passen aan het leven in vrijheid.
Door dit programma leerden maatschappelijk werkers van IJM Raja en zijn unieke ambitie kennen. Hij maakte met hulp van IJM en als eerste in zijn familie, zijn middelbare school in mei 2005 af. En hij begon toen een studie over Tamil-literatuur (d.i. de gesproken taal in Zuid-India) – om docent te worden – voordat hij zijn lat nog hoger zou leggen.
Hij vertelde hun: “Er zijn geen advocaten in mijn dorp. Ik wil mijn gemeenschap en mijn mensen dienen.”
“Diep in mijn hart wilde ik de mensen in mijn gemeenschap steunen en anderen helpen die in dezelfde situatie zaten als ik”, herinnert hij zich levendig. “Daarom wilde ik verder studeren, maar ik wist niet welke studie ik daarvoor moest doen. Ik deelde mijn passie met maatschappelijk werkers van IJM en zij moedigden me aan om Rechten te proberen.”


Advocaat
Toen Raja met behulp van bijles eenmaal de nodige toelatingsexamens had gehaald, hielp IJM hem met collegegeld, boeken en campuskosten. Raja had les in de ochtenden, stage in de middagen en werkte in een melkfabriek in de avonden. Hij ging in de weekenden naar huis om zijn familie te bezoeken. 

“Ik haalde in vijf jaar mijn rechtenstudie en in 2012 huurde IJM mij in om als advocaat te werken,” vertelt Raja trots. “Als advocaat doe ik alles wat nodig is om de rechten te beschermen van gedwongen arbeiders.”
Vandaag de dag is Raja getrouwd en heeft hij twee jongens. Zijn ouders zijn veilig en leven een vredig leven in zijn thuisdorp. Zijn jongere broer behaalde zijn studie Commerciële Economie en heeft nu een goede baan bij een bedrijf in Chennai. Raja’s zus werkt als verpleegster in een overheidsziekenhuis.
Raja vult zijn dagen met hard werk voor de honderden slaven die IJM Chennai elk jaar redt. Hij ondersteunt tientallen reddingsoperaties en helpt het juridische team van IJM om sterke zaken te bouwen tegen hen die de armen uitbuiten. Hij vertelt: “Elke dag vecht ik voor de zaak van andere gedwongen arbeiders die verlangen naar de dag dat ze vrij zijn – precies zoals mijn familie wachtte in 2004.”

 

Help jij Raja in zijn werk?

Realisatie: WebNL | Copyright 2017 | International Justice Mission Nederland | Privacy verklaring | Algemene voorwaarden