Het verhaal van Sani

vrijdag 12 september 2014

In één van de dichtbevolkte uitgaanswijken van Mumbai, India drong een groepje politieagenten en medewerkers van International Justice Mission (IJM) een vervallen gebouw binnen. Het smalle trappenhuis was in duisternis gehuld. Het reddingsteam gebruikte zaklampen om de ratten te kunnen ontwijken, die overval voor hun voeten wegschoten. In de gangen steeg uit plassen stilstaand water de stank op van rottend materiaal. De actie was gericht tegen twee bordelen, die zich naast elkaar bevonden op de tweede etage van de vierkante woontoren.

Het team was samengesteld uit ervaren Indiase politieagenten en uit wetshandhavers en maatschappelijk werkers van IJM. Degene die hen de weg wees, was het tienermeisje Sani.* Bij de ingang naar één van de twee bordelen wachtte Sani heel even en leidde het team via een nog smaller trappenhuis naar een erg bevuilde zolder. Daar wees zij naar een groep van vier tegels aan de basis van één van de muren. De tegels bleken te zijn vastgelijmd op een houten paneel, dat alleen van buitenaf kon worden weggehaald. Zodra de verborgen doorgang werd geopend, kwamen er zes jonge vrouwen uit de donkere ruimte tevoorschijn. Zij waren doodsbang.

Sani nam de sluier weg, die haar gezicht bedekte en sprak tegen in hun eigen taal - die ook haar taal was. Zij drukte hen op het hart dat de agenten en de maatschappelijk werkers van IJM gekomen waren om hen te helpen en dat zij hen konden vertrouwen. “Weet je, kort geleden zat ik hier ook opgesloten”, zei ze. En ze voegde er nadrukkelijk aan toe: “Wees niet bang! Ik ben gekomen om jullie te redden!”

Nauwelijks drie maanden eerder was Sani uit dezelfde gewelddadige nachtmerrie weggehaald.


Gestrikt door een handelaar
Het verhaal van Sani begint zoals de verhalen van slachtoffers van mensenhandel die IJM in de afgelopen jaren heeft geholpen. Zij groeide op in een situatie van armoede; zij was het enige kind in een gezin dat in een landelijk gebied net buiten Bangalore woonde. Haar vader stond er op dat zij goed onderwijs zou krijgen en zij doorliep het grootste deel van de highschool. Op een bepaald moment stopte zij met haar opleiding om haar familie te helpen de eindjes aan elkaar te knopen. Ze pakte allerlei baantjes aan, maakte huizen schoon en vond uiteindelijk werk in een kledingfabriek in Bangalore.

Het was daar, in Bangalore, dat een bekende haar vertelde over een man, die haar aan een beter betaalde baan kon helpen in een fabriek ergens in het noorden. Sani vertelt dat zij zich de naam van de man herinnert en ook het restaurant waar hij haar mee naar toe nam om over de baan te praten. Verder herinnert zij zich dat zij thee dronk – vanaf dat moment is haar herinnering erg vaag. Ze vertelt: “Ik zei op alles ‘ja’, ‘dat is goed’, ‘prima’.”

Ze was zich er niet van bewust waarmee ze instemde en ze raakte een hele tijd buiten bewustzijn. De man bleek een mensenhandelaar te zijn, die een verdovend middel door haar thee had gemengd. Hij nam haar mee naar een groot busstation in het centrum van Bangalore en gaf haar door aan een vrouw.
Het volgende dat Sani zich herinnert, is dat zij de volgende dag wakker werd in een bordeel in Mumbai – meer dan 6000 mijl (een kleine 10.000 kilometer) van huis - helemaal alleen. Zij was het slachtoffer geworden van mensenhandel. En de nachtmerrie was nog maar net begonnen!

De volgende drie jaar werd Sani overspoeld door de duisternis van Mumbai's ‘sprankelend’ uitgaansleven. Ze werd voortdurend verkracht door mannen, die per uur betaalden om haar te misbruiken. Sani probeerde meerdere malen te ontsnappen; ze wist zelfs slaappillen in het drinken van de bewaker van het bordeel te stoppen. Maar iedere poging mislukte. Ze werd van het ene bordeel naar het andere doorverkocht en kwam uiteindelijk terecht in één van de meest vervallen uitgaanswijken – berucht om ‘goedkope seks’ – waar zij iedere dag (!) door ruwweg 25 mannen werd verkracht.

De zoektocht naar Sani
Sani’s eigen ontsnapping vond plaats dankzij de moed van een andere overlevende van sekshandel – Zeenat* – die in dezelfde beruchte wijk terecht was gekomen. Beiden werden vastgehouden in een gebouw, waarin meerdere bordelen waren gevestigd . Elk daarvan bestond uit een donkere ruimte, volgebouwd met vieze hokjes, die door dunne gordijnen van elkaar werden gescheiden. Hier betaalden klanten slechts $5,- om een meisje te verkrachten.

Begin 2013 hielp IJM de politie bij het opzetten van een reddingsoperatie in dit bordeel – de zesde actie op rij in hetzelfde gebouw. Zeenat en een andere jonge vrouw werden gered, maar Sani was een paar dagen eerder naar een ander bordeel verplaatst.
Zeenat vertrok naar een veilige nazorglocatie, waar zij alle zorg kreeg die zij nodig had. IJM bleef aanwijzingen uit de uitgaanswijk onderzoeken in een poging om ook Sani te vinden. Er werd een nieuwe operatie gepland, nu in het bordeel waarvan men vermoedde dat Sani daar naartoe gebracht was – maar op de één of ander manier kreeg de bordeelhouder lucht van de plannen en bracht hij de meisjes opnieuw naar een andere locatie. De altijd aanwezige duisternis dreigde Sani’s geest te breken.


Het moment waarop alles veranderde
Toen Zeenat hoorde dat het team van IJM op zoek was naar één van de bordeelhouders die haar zoveel ellende hadden bezorgd, stond zij er op te helpen. In het gezelschap van agenten en IJM-medewerkers die zij vertrouwde, ging Zeenat terug naar de uitgaanswijk. Terwijl zij door een straat liepen, wees zij een vrouw aan die zij kende. Lila, één van de maatschappelijk werksters van IJM, volgde de vrouw onopvallend door een smal straatje. Tijdens deze wandeling passeerde zij een deuropening – aan de andere kant van de opening stond Sani. Lila was verbijsterd; zij herkende Sani van foto´s die zij had gezien bij het voorbereiden van een andere zaak. Ze gaf de rest van het team direct opdracht om zich bij haar te voegen.

Op die dag in februari 2013 werden Sani en drie andere meisjes gered. Het bleek de plaats te zijn waar Sani een paar weken eerder naartoe was gebracht, waardoor de politie haar niet had gevonden. Lila zei later dat dit bordeel “één van de meest verschrikkelijke plekken” was die zij ooit had gezien. Klanten betaalden er minder dan $3,- voor 15 minuten met een meisje. De meisjes vertelden later dat zij met zijn vieren gedwongen werden om per dag met niet minder dan 100 mannen seks te hebben!
Meisjes die verhandeld zijn, zijn vaak bang om het bordeel te verlaten. Na zoveel verraad en misbruik weten zij niet meer wie zij kunnen vertouwen. Er wordt hen verteld dat zij moeten liegen wanneer de politie komt opdagen. Wanneer een bordeelhouder bij zo'n inval aanwezig is, voelen zij zich meestal zo geïntimideerd dat zij het niet aandurven de waarheid te vertellen.

Het viel Lila echter op dat deze meisje anders waren; zij wilden wanhopig graag weg uit hun situatie. “Toen ik hen vertelde dat wij hen kwamen redden, pakten zij direct hun spullen bij elkaar; zij waren er klaar voor om te vertrekken. Ik ben er van overtuigd dat het niet toevallig was dat ik op dat moment op die plaats was en de meisjes ontdekte. Ik geloof dat het deel uitmaakte van een goddelijk plan, dat wij hen konden bevrijden uit zo'n afschuwelijke plaats. Het was werkelijk erger dan ik ooit daarvoor had meegemaakt!”


Vastbesloten om terug te gaan
Sani werd ondergebracht in een nazorghuis waar slachtoffers van de sekshandel langdurig worden opgevangen. Een paar maanden later had zij een ontmoeting met Melissa, Directeur Nazorg van IJM Mumbai. Sani begon details te vertellen over de bordelen waarin zij opgesloten had gezeten. Zij vertelde Melissa dat enkele van haar vriendinnen daar nog steeds vast zaten. Terwijl Sani haar verhaal deed, realiseerde Melissa zich dat het meisje vertelde over een bordeel dat haar collega’s al maandenlang probeerden op te rollen! Dit specifieke bordeel was opvallend goed beveiligd en het leek onmogelijk er zomaar binnen te komen. Sani zei echter dat zij naar deze locatie wilde terugkeren en haar vriendinnen er uit halen – zij kende iedere schuilplaats in het gebouw.

“De enorme vastbeslotenheid en moed van Sani in deze vroege fase van haar eigen genezingsproces zijn uniek”, zegt Melissa. Zij vervolgt: “Als je uit een donkere kamer in het volle licht komt, hebben je ogen tijd nodig om zich aan het licht aan te passen. Evenzo kost het tijd om volledig te genezen, zelfs wanneer je bevrijd bent.” Sani was echter vastbesloten in haar verlangen om aan een bevrijdingsactie mee te werken.

Om terug te gaan naar de uitgaanswijk had Sani rechtstreeks toestemming nodig van het hoofd van het Child Welfare Committee van de stad. Dit is een overheidsinstelling die verantwoordelijk is voor de bescherming en uitvoering van de rechten van vrouwen en kinderen. In het begin werkte de ambtenaar niet echt mee; zij probeerde Sani van het idee af te brengen. Maar Sani was vastbesloten. De ambtenaar zei later dat zij zo onder de indruk was gekomen van de moed van het meisje, dat zij haar toestemming gaf om terug te gaan – onder voorwaarde dat zij zou worden vergezeld door mensen van de politie en van IJM.

Van reddeloos verloren tot redder in nood
Zo gebeurde het dat Sani op een woensdag in het begin van juni 2013 terugkeerde naar de duisternis, waarin zij tot slechts drie maanden daarvoor had vastgezeten. Toen zij het gebouw binnen gingen, hing er een inktzwarte duisternis. Bij het licht van zaklantaarns leidde Sani het team door het griezelige trappenhuis omhoog, rechtstreeks naar de schuilplaats waar zes meisjes waren opgesloten tot het weer rustig zou worden. Nadat zij hen had verzekerd dat zij de medewerkers van IJM konden vertrouwen, rende ze door de smalle gangen en riep anderen, die misschien ook opgesloten zaten te wachten.

De politie arresteerde vijf verdachten tussen de aangrenzende bordelen. Sani ging samen met de gevonden meisjes naar het politiebureau. Zij vertelde IJM: “Geen van deze meisjes is hier vrijwillig naartoe gekomen; ze werden allemaal gedwongen. Ik wist dat ik hun leven zou kunnen redden door jullie te helpen!” Ze voegde er aan toe dat de zorg die zij zelf ontving toen zij die zo nodig had, haar het verlangen gaf om ook andere meisjes uit de duisternis van de sekshandel te redden.
Melissa zegt dat dit verschil van dag en nacht in zo'n korte tijd (slechts enkele maanden) echt een wonder is: “Wij hoopten en baden dat de 'geredde' zou veranderen in een 'redder' – en in minder dan drie maanden na haar redding was Sani er klaar voor om te helpen bij de redding van andere meisjes!”

Op weg naar herstel
Sani blijft in nauw contact met de maatschappelijk werksters van IJM, die zij op de dag van haar bevrijding ontmoette. Zij bezoekt hen regelmatig in verband met traumatherapie en in het opvanghuis waar zij nu woont, doet ze mee aan het Dance Movement Therapy programma. Zij geniet van haar verblijf in het opvanghuis en noemt alle medewerksters en therapeutes didi, een koosnaam in het Hindi voor 'oudere zus'.
Sani vertelt dat zij in staat zou willen zijn om ander meisjes – die nog op bevrijding wachten – over het opvanghuis te kunnen vertellen. Zij is vol verbazing voor de mogelijkheden die het biedt en wordt geïnspireerd door de andere slachtoffers die ambitieuze dromen verwezenlijken – zoals het afronden van een opleiding tot monteur. In haar eigen woorden: “Ik zou die meisjes willen vertellen: ik heb hetzelfde vieze werk als jullie moeten doen, totdat de maatschappelijk werksters van IJM kwamen opdagen: Sheela Didi en Lila Didi”.

Sani geniet van de computerlessen en zegt dat ze alles enorm interessant vindt. Ze leest graag boeken en studeert Engels. Over een paar jaar hoopt zij werk te vinden op een kinderdagverblijf. Als dat niet lukt, wil ze maatschappelijk werkster worden. In beide gevallen zal ze in haar eigen inkomen kunnen voorzien en zal zij de kans krijgen om anderen te helpen zoals zij zelf geholpen werd.
“Ik help graag andere mensen, vooral mensen die ziek zijn. Ik wil helpen bij het redden van anderen, net zoals anderen mij hebben gered!”

*Een pseudoniem.

Realisatie: WebNL | Copyright 2017 | International Justice Mission Nederland | Privacy verklaring | Algemene voorwaarden